Drinkset

  

Deze maand stellen we uit ons depot een drinkset voor. Herken je de vorm? Vast wel. Deze twee oorkommen – zo luidt de wetenschappelijke term van deze voorwerpen binnen de archeologie – hebben heel veel weg van onze koffietassen.

De twee grotendeels bewaarde oorkommen kwamen in 2011 tijdens een archeologisch onderzoek te Temse aan het licht (Frankrijkstraat). Ze zaten in eenkuil samen met o.m. verbrand bot, ander schervenmateriaal en een weefgewicht. Over de functie van deze kuil is er geen uitsluitsel. Aan de hand van de inhoud kan deze kuil zowel als een graf als een rituele kuil worden geïnterpreteerd. In het eerste geval is de drinkset dan een grafgift voor de overledene. In het andere geval werden deze oorkommen tijdens een ritueel geofferd. Wel kunnen archeologen deze drinkset duidelijk op de tijdlijn situeren, namelijk aan het einde van de bronstijd en het begin van de ijzertijd (+ 1100-800 v. Chr.).

Deze oorkommen zijn in vergelijking met onze gewone koffietassen wel heel groot. Maar wat heeft er nu ingezeten? Dat is natuurlijk de grote hamvraag. Dronken onze voorouders al koffie? Nee dat niet. Koffie werd pas in de tweede helft van de 17de eeuw als drank in Europa geïntroduceerd. Wat werd er dan wel gedronken op het einde van de bronstijd/begin ijzertijd? Vinden archeologen sowieso wel iets van drank terug bij opgravingen?

Drinkset in aardewerk

Onlangs stelden we jullie een oude drinkset uit de late bronstijd/begin ijzertijd voor. We stelden hierbij de volgende vragen:

– Welke dranken kenden de mensen nu op het einde van de bronstijd/begin ijzertijd?
– En vinden archeologen wel sporen van drank terug bij opgravingen?

Eeuwenoude drank

Bij archeologisch onderzoek wordt slechts in uitzonderlijke situaties eeuwenoude drank teruggevonden. In Hochdorf (nabij Stuttgart, Duitsland) bijvoorbeeld werd in 1978-79 bij de opgraving van een graf van een vooraanstaande leider (+ 550 v. Chr.) onder de grafgiften een bronzen ketel teruggevonden. In de ketel bevond zich een donkerkleurige sponzige substantie dat bij verder onderzoek als mede (een uit honing en water gegiste drank) werd geïdentificeerd. Maar meestal heeft de archeoloog enkel indirect bewijsmateriaal (archeologische sporen of vondstenmateriaal) dat hem meer informatie geeft over het gebruik van bepaalde dranken. Zo vonden archeologen in hetzelfde Duitse Hochdorf kuilen terug waarin men mout aanmaakte, een belangrijk bestanddeel van bier.

Onze kennis inzake het drankgebruik op het einde van de bronstijd en het begin van de ijzertijd is zonder meer heel beperkt. Aan de hand van divers (in)direct archeologisch bewijsmateriaal uit Noordwest-Europa weten we dat naast zuiver water zeker bier in deze periode werd gedronken. Ook mede was gekend. Ook het nuttigen van kruidenthee en sappen van bepaalde bomen of fruit is te veronderstellen.

Bronnen

– Betinna Arnold, Power drinking in Iron Age Europe, in: British Archaeology magazine, february 2001.

Erfpunt verbindt en inspireert