Depot 08 zwartgeblakerd object

Zwartgeblakerd object

Onze nieuwe vondst van de maand is klein, rond van vorm (diameter is 3,3 cm), en heeft in het midden een ronde opening. Het is uit klei vervaardigd en zwart geblakerd.

Dit mysterieus object werd aangetroffen in één van de vijf Gallo-Romeinse crematiegraven die in 2010-2011 tijdens de opgraving binnen de uitbreidingszone van de ambachtelijke zone Kluizenmolen (Sint-Gillis-Waas) werden onderzocht. Ons object van de maand is dus een grafgift.

Wat gaven de Romeinen hun overledenen eigenlijk mee? Romeinen geloofden dat de overledene zijn leven in het hiernamaals gewoon voortzette. Daarom gaven ze hem/haar voedsel, huisraad, werktuigen, sieraden, munten en andere persoonlijke bezittingen mee. De overledenen werden in deze periode bijna uitsluitend gecremeerd. Sommige grafgiften werden samen met de overledene op de brandstapelgelegd (zoals dit zwart geblakerd object). Andere geschenken werden gewoon in het graf gedeponeerd.

Wat is de functie van dit kleinood uit aardewerk? En wat kan dit object ons vertellen over de identiteit van de overledene?

Spinklosje

Dit ronde schijfje uit aardewerk met een gat in het midden is een spinklosje. Het maakt deel uit van een handspintol waarmee draden uit bijvoorbeeld wol werden gesponnen. Hoe gaat handspinnen nu in zijn werk?

Het spinklosje wordt onderaan een houten ronde staafje bevestigd.

Wanneer men start met spinnen, neemt men eerst een stukje van de wol en draait men dit tussen de vingers tot een draad. Deze draad wordt goed aan het staafje van de spintol bevestigd. De draad mag immers tijdens het spinnen niet loskomen.

Daarna wordt de wol voorzichtig uiteengetrokken (zowel in de lengte als in de breedte),totdat men de gewenste dikte voor de draad heeft.

Vervolgens geeft men aan de spintol een draai. De spintol mag tijdens het spinnen niet stilvallen. Gebeurt dit toch, dan kan de draad breken door het gewicht van de tol. Ook wanneer men te hard aan de spintol draait, kan de draad breken.

Wordt de draad te lang,dan windt men de gesponnen draad om de staaf. De nieuwe draad wordt ook met een lus aan de staaf vastgezet. Daarna kan het spinnen opnieuw beginnen.

Nog een leuk detail. Wist je dat je voor het kleden van een volwassen persoon in de Romeinse periode ongeveer 36.300 m draad nodig hebt? Om 36 km draad te spinnen heb je ongeveer 6 kg wol nodig? Voor 6 kg wol moet je 3 tot 6 schapen scheren…

Met zo’n handspintol kunnen verschillende soorten draden worden gesponnen. De grootte en het gewicht van het spinklosje bepaalt het soort draad dat wordt gesponnen (grof of fijn). De snelheid van het spinnen is dan weer een bepalende factor voor de stevigheid van de draad. Hoe meer rotaties/tijdspanne hoe groter het aantal windingen waaruit de draad bestaat en hoe steviger de draad wordt.

Wil je graag eens een demonstratie van handspinnen zien? (wel Engelstalig).

Gallo-Romeinse graven

Dit zwart geblakerd spinklosje werd in een van de vijf Gallo-Romeinse graven van Sint-Gillis-Kluizenmolen fase 2 teruggevonden. Wat kan dit kleine voorwerp archeologen nu vertellen over de ‘laatste reis’ van de overledene en de overledene zelf?

De aanwezigheid van een spinklosje in het graf wijst er op dat een handspintol als grafgift is meegegeven. Het spinklosje is ook zwart geblakerd, dat betekent dat de handspintol met de overledene op de brandstapel is gelegd. Het houten staafje van de handspintol is op de brandstapel volledig tot as herleid. Maar het spinklosje bleef bewaard en werd met as, houtskool en verbrand bot in een graf gedeponeerd. Grafgiften zijn vaak persoonlijke spullen van de overledene. De handspintol in het graf is een duidelijke aanwijzing dat spinnen tot de dagdagelijkse taken van de overledene behoorde. Aangezien spinnen en weven in de ijzertijd en de Romeinse periode als typische vrouwenarbeid wordt aanzien, kunnen archeologen met grote zekerheid stellen dat het hier om een vrouwengraf gaat. Wil men absolute zekerheid, dan wordt het botmateriaal uit het graf onderzocht.

Erfpunt verbindt en inspireert